Inloggen

Canine Herpesvirus

Slechte dekresultaten en dode pups door het Canine Herpesvirus?
Bij het fokken met honden is het altijd vervelend als het niet gaat zoals gehoopt. Als een teef niet
bevrucht blijkt, dus leeg blijft, als de nesten klein blijven of de pups na de geboorte alsnog sterven, is
dat een grote teleurstelling voor elke fokker. Een belangrijke mogelijke oorzaak van deze problemen
is de besmetting van de teef met het Canine Herpesvirus (CHV). Hoewel niet zo bekend bij
hondeneigenaren blijkt maar liefst 40% van de onderzochte Nederlandse honden ooit met het virus
in aanraking geweest te zijn. Vaccinatie van de moederhond tegen CHV lijkt betere
bevruchtingsresultaten en minder problemen bij puppy's op te leveren.

Het Canine Herpesvirus (CHV) is een virus dat wereldwijd voorkomt bij honden. In Nederland blijkt
ongeveer 40 procent van de onderzochte honden positief*. In België ligt dit aantal wat hoger op
ongeveer 46 procent. Het virus veroorzaakt milde verschijnselen bij volwassen dieren, maar kan
dodelijk zijn voor pasgeboren en jonge puppy’s. Een eenmaal besmette hond kan zijn leven lang
drager van het virus blijven. In tijden van stress (loopsheid, dekking, geboorte) kan het virus de kop
opsteken en ziekteverschijnselen veroorzaken. Daarnaast is het virus nogal eens de oorzaak van
vruchtbaarheidsproblemen. Denk daarom bij het niet drachtig worden van een teef, kleine nesten of
zwakke pups eens aan de mogelijkheid van besmetting met dit virus.

Symptomen
Puppy’s worden na de geboorte geïnfecteerd door hun besmette moeder. Plotselinge sterfte van de
jonge puppy’s, maar ook moeilijk ademen, etterige neusuitvloeiing, schreeuwen of fietsbewegingen,
kunnen symptomen zijn van een besmetting met het virus. Bij volwassen honden kunnen blaasjes op
de geslachtsorganen of kennelhoestachtige symptomen op een infectie met het herpesvirus wijzen.
De ziekte kan echter ook onvruchtbaarheid (‘leeg blijven na een dekking’), kleine nesten of
doodgeboren puppy’s veroorzaken. Er bestaat geen effectieve therapie tegen de ziekte. Het virus is
niet besmettelijk voor mensen en ook het herpesvirus dat bij mensen voorkomt, levert voor honden
geen besmettingsgevaar op.

Bescherming tegen CHV
CHV wordt zeer gemakkelijk van de ene op de andere hond overgedragen: aan elkaar snuffelen of
likken kan al een infectie veroorzaken. Het virus zelf is bijzonder lastig aan te tonen, aangezien het
zich kan 'verstoppen' in het lichaam van de hond. Bij stressvolle situaties, zoals ziekte, maar ook rond
de loopsheid of geboorte kan het virus weer actief worden. Goede hygiëne is onontbeerlijk: het virus
is gevoelig voor het gros van de desinfecterende middelen. Drachtige teefjes kunnen het beste vanaf
drie weken vóór tot vier weken na de bevalling apart van andere honden gehouden worden. In het
geval van een vermoedelijke besmetting van puppy's met de ziekte kan het raadzaam zijn de
temperatuur in het kraamhok zo hoog mogelijk te maken. Het virus gedijt namelijk het beste bij
koelere temperaturen. Een verhoging van de temperatuur in het nest kan de kans op overleving van
de puppy's vergroten.
Het belang van sectie
Het is aan te raden altijd bij dode pups ‐hetzij doodgeboren , hetzij gestorven binnen 30 dagen na de
geboorte‐ sectie op deze dieren te laten verrichten. In het geval van het Canine Herpesvirus zal deze
aantoonbaar zijn en in het sectieverslag worden vermeld.

Vaccineren tegen CHV
Pups kunnen ook beschermd worden tegen de acute vorm van het virus door de moederhond
preventief te vaccineren. Het vaccineren van de teef zorgt ervoor dat haar pups antistoffen tegen de
ziekte via de moedermelk binnen krijgen. Vaccinatie lijkt ook prenatale effecten te hebben:
onderzoeken toonden een verhoging van het drachtigheidspercentage** aan bij vroeg gevaccineerde
teven ten opzichte van hun niet gevaccineerde soortgenoten. Het vaccin kan worden toegediend aan
alle honden: ongeacht of zij vrij, geïnfecteerd, of zelfs drager van het virus zijn. Toediening kan net
voor en tijdens de dracht. Uw dierenarts is de aangewezen persoon waar u terecht kunt voor meer
informatie.

* Prevalence of antibodies against canine herpesvirus I in dogs in the Netherlands. Frans A.M.
Rijsewijk, et al. Veterinary
Microbiology 65 (1999) 1‐7.
** Niet significant. bron: Protection of puppies against canine herpes virus by vaccination of the dams.
H.Poulet, P.M.
Guigal, et al. Veterinary Record (2001) 148, 691‐695.